zondag 23 april 2017

16:00 Napoli - Amsterdam

Beste vrienden en volgers,

Tja, wat schrijven we over een thuisreis? Nou hier gaat ie: we checken via internet in vanuit ons bed, en laten de volgende morgen de boarding passes uitprinten bij de vriendelijke meneer aan de hotelbalie. En passent pikken we nog het Italiaanse woord voor nietmachine op: cucitrice. Daarmee wordt plechtig de rekening van het parkeren aan de Mastercard bon geniet. Na handenschudden en bon voyage rijden we over het peninsula di Sorrento richting de Autostrada naar Napels. De heimwee slaat toe i.e. naar nog een week Italie. Onderweg verorberen we nog een laatste majestueuze blik op de Vesuvius.



De vlucht huiswaarts verloopt sine cure. Het weer is helder en diverse markante verkenningspunten trekken aan ons electronisch oog voorbij: Napoli, Venezia, Innsbruck, Zeeland.




En dan zijn we weer thuis. We nemen de NS 19:35 naar Den Haag die ook stopt op Leiden CS.




Beste vrienden, lieve lezers, dit was het weer voor deze keer. Bedankt voor het volgen, en ongetwijfeld tot een volgende keer. 

Chiao!
   

zaterdag 22 april 2017

Wandelen in Valle delle Ferriere

Beste vrienden en volgers, 

Morgen gaan we alweer terug naar Holland, dus onze laatste dag in Italie moeten we maar goed benutten. Het schema van vandaag is aantrekkelijk: uitslapen, ontbijten met verse bolletjes en taart, de bus nemen naar Amalfi, en wandelen in de Valle delle Ferriere.
We lopen vanaf de piazza del Duomo omhoog naar het begin van de vallei, en wandelen genoegelijk langs citroenplantages en uitzichtpunten. De bomen zijn ter bescherming tegen de wind bedekt met groen vliezen. 



Als we hoger komen wordt het steiler en neemt het bos de overhand, en lopen we langs een klaterende stroompje. Je kan hier dagenlang door de bergen wandelen langs dit soort paden. Maar dan moet je wel wat meer gear en kaarten bij je hebben als wij. In onze rugzak zit alleen een stuk pizza van gisteren en twee opvouwbare Mac’s. Dit is het soort wandelroutes waar iedereen elkaar groet bij het passeren. Bon Giorno, of Salve, zoals ze hier ook wel zeggen. Of gewoon Hello.   


Een beetje op de gok nemen we een pad naar het dorpje Pontone. Als we bij een kleine uitspanning onder de citroenbomen een koele versnapering tot ons nemen, horen we dat je bij Pontone de trap naar beneden kan nemen en dan weer uitkomt in Amalfi. Helemaal goed.




Rest ons het laatste deel van ons programma van vandaag af te werken: zitten op de trappen van de Duomo en mensen kijken, een Italiaans ijsje eten, in de zon zitten op de boot naar Minori, en als we daar aangekomen zijn, nog even op het strand zitten. Na al dat trappenlopen hebben we nu wel beurse kuiten. Maar wat een dag weer!  





vrijdag 21 april 2017

Ravello, stad der steden


Beste vrienden en volgers,

Vandaag stijgen we per bus naar het bovengelegen Ravello. Een evenement op zich; de bus perst zich luid claxonerend door het overige verkeer langs de smalle weggetjes. Het lijkt wel of er iemand met een jachthoorn op het dak zit. Af en toe is het allemaal zo krap, dat de bus moet steken. Maar de uitzichten zijn fabelachtig. En de chauffeur geniet de bescherming van de schutspatroon van de ossedrijvers. 

  

Ravello (Michelin ***) is betoverend mooi gelegen temidden van bergen en citroengaarden. En er is veel te zien. We kopen een ticket-voor-alle-bezienswaardigheden, en op ons gemak wandelen we door Ravello. In de Duomo staan twee prachtige middelleeuwse preekstoelen van marmer ingelegd met mozaiek. Een ervan stelt Jonas voor die verzwolgen wordt door de walvis.




Dan wandelen we door de tuinen van Villa Cimbrone, begin twintigste eeuw aangekocht door de rijke Engelsman Beckett. De villa is middeleeuws, en de zes hectaren tuin zijn een samensmelting van het beste van de Engelse en Italiaanse tuinarchitectuur. Voor het Terrace of the Infinite met een weids uitzicht op de zee schieten zelfs woorden van poezie tekort. Laat staan een schamel fotootje. Maar voor de volledigheid toch maar bijgevoegd. Vita Sackville-West was een goede vriendin van Beckett en heeft hier vaak gelogeerd. Voor haar Sissinghurst tuinen in Engeland staan de mensen uren in de rij.



We komen nog langs de Albergho waar de pinctore M.C.Escher verbleef en volop inspiratie opdeed voor zijn onvolprezen grafische werk. Iets verderop liggen de ruines van het Monastero della Santissima Trinità uit de tiende eeuw. Van Napoleon moesten de nonnen ophoepelen naar Salerno, en het klooster verviel in ruines. Onlangs weer ontdekt, nadat er natuurlijk weer overheen gebouwd was. Het is lekker zonnig, maar er staat een vinnig windje.

De plaatselijke artisane bakker bereidt voor ons zijn interpretatie van een sandwich: een ciabatta belegd met repen gemarineerde aubergine, mozarella, basilicum en naar keuze prosciutto crudo of salami. Wij smullen ervan, en Lord Sandwich zou hem op zijn knieen eer betuigd heben voor zijn creatie.
   
Villa Rufolo heeft weer zo’n prachtige tuin met terassen en vergezichten. Wagner is hier ook op bezoek geweest, en was zeer onder de indruk. Hij deed hier inspiratie op voor zijn opera Parsival. Te zijner ere wordt jaarlijks op een van de lagere terassen zijn muziek ten gehore gebracht. Op dit moment klinken de Engelse suites van Bach zacht door het struikgewas vanuit verborgen luidsprekers.   



Dan wordt het tijd voor de afdaling naar Minori. Voor de mensen die het weten, is er een voetpad dat begint bij Villa Rufolo en eindigt …. vlakbij hotel St Lucia. Wel even 1200 treden naar beneden stappen. Dat fixen we in drie kwartier, sneller als dat we boven kwamen met de bus. De eigenaar van de trattoria van vanavond identificeert ons feilloos als Tedesci, maar de ontvangst is hartelijk en de pizza del pescatore is mjummie met veel verse frutti di mare. 


donderdag 20 april 2017

Maiori, Minori en Amalfi

Beste vrienden en volgers,

Paestum is het verste punt dat we bezoeken deze reis. Vandaag rijden we langs de kust terug naar Salerno. Eindeloze pijnbomen (pini), met af en toe een strook eucalyptus en een statige doorgang voor een van de vele Lido’s. Wij gaan nog een paar daagjes uitbuiken aan de Amalfi-kust.
Via de kronkelweg over de rotsige kust die we op de heenweg ook namen, komen we eerst in het plaatsje Majori en dan in Minori. Inderdaad een gezellig klein stadje met een fraaie basilica.
Ons hotel St Lucia is om de hoek en is gebouwd bovenop een Romeinse villa. Vanuit ons raam hebben we uitzicht op het oude peristylium.




Vanuit Minori nemen we de boot naar het nabijgelegen Amalfi. Daar is het wel een beetje een toeristische ballentent. We klimmen maar snel de trappen op naar de Duomo St Andrea.  


Na het betalen van een kleine fee komen we terecht in de Choistro del Paradiso en de Basilico del Crossefisso. Een oase van rust, met uitstalling van een keur van kerkelijke schatten voorzien van interessante Engelstalige uitleg. Sarcofagen uit de 2e eeuw, tegeltableaux met moorse motieven, een zestiende eeuwse houten madonna, een mijter ingelegd met juwelen, het kan niet op.




Er is hier een boel verbouwd, gesloopt en aangebouwd in de loop der eeuwen. Het is woekeren met de vierkante meters. Maar altijd piept er een stukje van het  oude tevoorschijn: een nis met een flard fresco van een verdwenen kapel, een romaanse zuil in een verder barokke kerk, of een preekstoel met gerecyclede Moorse tegels. 



We wandelen door een barokke crypte met de botten (naar verluidt afkomstig uit Constantinopel) van de evangelist St Andreas. Als we een niveau naar boven in de dom zelf komen, blijkt die van binnen geheel verbarokt.


Na het opsteken van een kaarsje is het tijd om ons in het toeristengewoel te begeven en een Italiaanse ijs te eten.


In de haven ligt een grote cruiseboot (uit Nassau), die ongetwijfeld een lading volk aan land heeft gezet. Wijzelf nemen de boot terug naar Minori, waar we in het hotel een blogje tikken, en dan in de trattoria naast de basilica een hapje gaan eten: gemarineerde ansjovis, pasta met vis en limoentaartjes.
      




woensdag 19 april 2017

Paestum - een stormachtig succes

Beste vrienden en volgers,

Na een Italiaans ontbijt met zoete croissant, zoete cake en zoete cappuccino nemen we eerst een kijkje op het strand. We zakken enkeldiep in het fijne zand en waaien tegelijk uit ons hemd.       
De zomer moet hier nog een beetje bijrijpen. Dat gaat natuurlijk wel lukken, maar niet vandaag.



De ruines van Paestum liggen een ietsje landinwaarts, maar de wind heeft ook hier vrij spel. Gelukkig is het lekker zonnig. Griekse kolonisten stichtten op deze plek de stad Poseidonia, naar de Griekse god van de zee Poseidon. Op een dag als deze zullen ze hun schepen wel hoog op het strand gesleept hebben. Vlak na de stichting van de stad in de zesde eeuw voor Christus, begonnen ze ook met het bouwen van de prachtige tempels. Ze hebben de tand des tijds behoorlijk overleefd, hoewel de plaatselijke kalksteen niet erg hard is. De grootste tempel heet Tempio di Nettuno (naar de Romeinse god van de zee Neptunus).





Er zijn nog twee grote tempels, en veel restanten van huizen en gebouwen van na de Griekse tijd. De plaatselijke Lucanianen veroverden de stad in de vierde eeuw voor Christus, en daarna kwamen de Romeinen. Die doopten de stad om naar Paestum.

Het opgravingsterrein ligt er idyllisch bij met paars bloeiende bomen en de bergen op de achtergrond. Ook als je niet direct valt voor ruines is dit een mooie plek.



Intrigerend is de ‘Heroon’, een half begraven gebouwtje in de vorm van een huis met schuin dak. Naar verluidt is dit de ceremoniele tombe van de stichter van de stad.



Er is ook een museum, waar de meer fragile vondsten van Paestum te zien zijn. Een zestal prachtige bronzen vazen uit de Heroon, met ernaast de restanten van de inhoud: brokken honing. Verder prachtig beschilderde Griekse vazen, en het pronkstuk van de collectie: de Tomba del Tuffatore.




Een Griekse stenen grafkist van binnen prachtig beschilderd met onder andere een afbeelding van de overledene die vanaf de zuil van Hercules naar beneden duikt (de Tuffatore).  Symbolisch voor de sprong naar de eeuwigheid. De stijl vertoont verder opmerkelijke gelijkenis met Etruskische equivalenten. Daar willen we nog wel een keer meer van weten. 





Verder nog de nodige beeldhouwwerken afkomstig van de friezen (dakrand) van de tempels.
Dat was weer een welbestede dag! Als we honderd worden, komen we zeker wel aan de helft van de mooiste opgravingen in Europa. 




Post Scriptum.
Zo ziet de Neptunus tempel er uit bij donker:



En hier gaan onze pizza's van vanavond de oven in:






   


dinsdag 18 april 2017

Langs de kust van Amalfi

Beste vrienden en volgers,

Vandaag rijden we langs de Costiera Amalfitana, de andere kant van het schiereiland van Sorrento waar we een paar dagen vertoefd hebben. De costiera ontleent zijn naam aan het stadje Amalfi,       
en de route verdient drie sterren in de Michelin gids. Een heerlijke tocht, met adem-be-ne-mend mooie uitzichten.




Kleine stadjes die zich vastklemmen aan de rotsen die bijna loodrecht in de Middellandse zee verdwijnen. We rijden langs een smalle bochtige weg met druk verkeer, rijkelijk voorzien van scooters die met ware doodsverachting hun eigen Grand Prix beleven. Even blijven opletten dus. We hebben Napels wel gezien, maar we hoeven nog niet dood.



Onderweg hebben we een prachtig gezicht op het eiland Capri, waar keizer Tiberius een villa had.
Je kan er heen met de boot, maar dat doen we niet, je kan niet alles in een weekje. Een volgende keer dan maar.  




Bij weer een prachtig een uitkijkpunt kopen we een fles limoncello van een mannetje in zo’n typische driewiel pick-up, vol met olijfolie, citroenen, en sinaasappels. We zien die hier trouwens overal groeien. Speciliteit van de Amalfi kust is de lemone sfusato, een monstercitroen ter grootte van een kleine meloen. Niet te koop bij Albert Heijn, en ze ruiken erg lekker.   



Ons doel van vandaag is Paestum, waar de beroemde Griekse ruines te bezoeken zijn.
We hebben Hotel Solaris geboekt, vlakbij de opgravingen. Het blijkt een statig geval aan zee te zijn. Als je een strook naaldbomen doorkruist, ben je bij het strand. Dat gaat op z’n Italiaans, met verpachte stukken met plechtige entree, kleedhokjes, zonnebedjes in keurige rijen en natuurlijk tentjes om de pranzo (lunch) te gebruiken. Maar het seizoen is nog niet losgebarsten, het waait en het is fris. Maar goed, we komen voor de antieke relieken.




Vlakbij is de Zi’ Fiore, vrij vertaald ‘Oom bloemetje’, waar ze ijs verkopen en pizza serveren. Voor de bambini is er een opblaaskasteel om lekker in te hossen. Natuurlijk doen we een lekkere pizza, royaal belegd met de locale mozarella di buffala. Vanuit onze hotelkamer hoor je de zee ruizen.
Bella Italia!